Met het burgerkwartier gaat het lokaal bestuur Wielsbeke in op de wens van burgers om sterker betrokken te worden bij het gemeentelijk beleid.
Door burgers spreekrecht op de gemeenteraad te geven, kan rechtstreeks een vraag of voorstel toegelicht worden aan de leden van de gemeenteraad/Raad voor Maatschappelijk Welzijn. Je dient je vraag of voorstel vooraf in te dienen. Dat kan via onderstaand aanvraagformulier.
Aanvraagformulier burgerkwartier (Word-document)
HET INGEVULDE FORMULIER BEZORG JE:
Per e-mail: het ingevulde formulier wordt doorgestuurd naar secretariaat@wielsbeke.be met als onderwerp “Burgerkwartier”, alsook de datum van de raadszitting waarop je de vraag of het voorstel aan bod wil laten komen.
Of per afgifte in het gemeentehuis: t.a.v. het secretariaat van gemeente Wielsbeke (Rijksweg 314, 8710 Wielsbeke).
Elke burger die een vraag of een voorstel wenst in te dienen, moet zijn identiteit en adres kenbaar maken in de aanvraag. Hij/zij dient gedomicilieerd te zijn in de gemeente Wielsbeke en minstens 16 jaar te zijn.
Hij/zij moet duidelijk vermelden aan wie zijn vraag of voorstel gericht is en moet persoonlijk aanwezig zijn tijdens de gemeenteraadszitting waarop de vraag of het voorstel zal worden behandeld.
De indiener kan zich hierbij laten vertegenwoordigen door een inwoner, gedomicilieerd in de gemeente Wielsbeke die minstens 16 jaar oud is. De identiteitsgegevens en het adres van de vertegenwoordiger moeten dan eveneens meegedeeld worden in de aanvraag.
De vragen of voorstellen dienen duidelijk, bondig en in het Nederlands geformuleerd te worden en dienen te voldoen minstens aan volgende cumulatieve voorwaarden:
- betrekking hebben op materies die tot de gemeentelijke bevoegdheid behoren;
- geen persoonlijke aanvallen of beledigingen inhouden;
- geen betrekking hebben op persoonsgebonden materies (lees: niet handelen over specifieke personen en/of privé-aangelegenheden);
- geen reeds tijdens de lopende legislatuur beantwoorde vragen of voorstellen uitmaken;
- geen tegenvoorstel op beslist beleid uitmaken - hiervoor kan de indiener een verzoekschrift indienen zoals bepaald in onderafdeling III – verzoekschriften en de artikelen 54 en 55 en 51; §1 en 52, §1 van het huishoudelijk reglement van de gemeenteraad en raad voor maatschappelijk welzijn.
De voorzitter van de raad beoordeelt de ontvankelijkheid van je vraag of voorstel binnen de 5 kalenderdagen na ontvangst. Indien je vraag of voorstel ontvankelijk verklaard wordt, nodigt de voorzitter je uiterlijk 8 kalenderdagen voor de raadszitting waarop de vraag of het voorstel behandeld wordt uit.
De behandeling van de vraag of het voorstel door de gemeenteraad of raad voor maatschappelijk welzijn kan door de voorzitter uitgesteld worden indien bijkomend onderzoek vereist is. De voorzitter kan aan de algemeen directeur de opdracht geven, indien nodig in overleg met de indieners, de vraag of het voorstel te vervolledigen, de nodige adviezen in te winnen en/of te toetsen op de wettelijke of reglementaire haalbaarheid. De voorzitter brengt hiervan verslag uit op de eerstvolgende vergadering van de raad.
Indien een identieke vraag of voorstel werd ingediend, wordt het woord verleend aan de eerste indiener. De andere en navolgende indiener zal schriftelijk op de hoogte gesteld worden wanneer zijn vraag/voorstel, ingediend door de eerste indiener, zal behandeld worden op de raad.
Een ingevuld formulier wordt niet-ontvankelijk verklaard:
- wanneer niet voldaan is aan de ontvankelijkheidsvoorwaarden zoals omschreven in het gemeenschappelijk participatiereglement voor gemeente en OCMW Wielsbeke goedgekeurd op de gemeenteraadszitting/raad voor maatschappelijk welzijn van 28 mei 2026
- wanneer de vraag anoniem wordt ingediend
- wanneer de aanvrager louter zijn mening uit
- wanneer de geformuleerde vraag onredelijk is, te vaag of kennelijk niet ernstig
- wanneer het taalgebruik beledigend is
- …
Indien een vraag of voorstel onontvankelijk bevonden wordt, dan wordt een schriftelijk gemotiveerd antwoord aan de indiener bezorgd. Beroep indienen tegen deze beslissing kan via het Agentschap Binnenlands Bestuur.
Elke burger van de gemeente Wielsbeke kan maximum twee vragen of voorstellen per kalenderjaar indienen.
Je vraag of voorstel moet ten laatste 15 kalenderdagen voor de eerstvolgende raadszitting worden ingediend. Zoniet wordt het voorstel of de vraag behandeld op de daaropvolgende vergadering van de raad.
Je kan je vraag of voorstel altijd intrekken.
Intrekking van de vraag of het voorstel gebeurt per e-mail naar secretariaat@wielsbeke.be in welk geval de vraag of het voorstel zonder verder gevolg geklasseerd wordt.
De vragen en voorstellen maken deel uit van de agenda van de raad. Het burgerkwartier vindt plaats bij aanvang van de openbare zitting van de raad. Per zitting komen er maximaal 2 vragen of 1 voorstel aan bod. De vragen of het voorstel worden chronologisch behandeld, volgens het tijdstip van de indiening.
De voorzitter van de raad opent en sluit het burgerkwartier. De voorzitter leest eerst de ingediende vraag of het voorstel voor en geeft vervolgens het woord aan de indiener om dit toe te lichten. Daarna duidt de voorzitter de fractie aan die de vraag zal beantwoorden. De indiener krijgt vervolgens opnieuw het woord om te reageren op het antwoord, waarna de betrokken fractie nog een eindrepliek kan geven. Voor de behandeling van een vraag of voorstel met antwoord wordt gestreefd naar een maximale duur van 15 minuten.
Indien het antwoord op de vraag niet onderbouwd kan worden binnen de voorziene tijd, zal de vraag doorgeschoven worden naar de volgende zitting.
Elke fractie heeft het recht zijn of haar antwoord in beraad te houden en de vraag of het voorstel schriftelijk te beantwoorden binnen de 20 werkdagen na de raadzitting waarop de vraag of het voorstel werd behandeld. Een fractie kan de vraag of het voorstel laten opvolgen door de bevoegde dienst. Het schriftelijk antwoord van de fractie wordt per e-mail aan de indiener en alle raadsleden bezorgd.
De uitoefening van het spreekrecht van niet-raadsleden, maximum 2 personen, verloopt onder voorzitterschap van de voorzitter van de raad; hij is belast met de handhaving tijdens het burgerkwartier. De voorzitter van de raad komt tussen indien hij dit nodig acht (zoals, doch niet-limitatief opgesomd: bij eventuele schending van dit reglement burgerkwartier; bij het uiten van persoonlijke aanvallen en/of beledigingen; bij verwijzing naar specifieke personen of privé-aangelegenheden, ...).
De raad kan in dergelijke gevallen beslissen tot een tijdelijke onmogelijkheid in hoofde van het niet-raadslid in kwestie om nog gebruik te maken van het burgerkwartier en dit voor een periode van zes maanden. Deze periode vangt aan daags na de raadszitting waarop het misbruik door het niet-raadslid plaatsvond.